Maria Degrève

  • kunstenaar
Maria Degrève is beeldend kunstenaar, ze maakt gebruik van verschillende media: schilderijen, video's, foto's, sculpturen, installaties en performances. Haar werk handelt over de dualiteit tussen het openbare en het private leven, alsook over de vluchtige grens tussen beide. In haar « Metamorphoses » onderzoekt ze het thema identiteit. Ze stelt de idee van vrouwelijkheid in vraag en ze creëert « individuele mythologieën » door haar engagement met het intieme, het autobiografische en het introspectieve. Ze experimenteert met alledaagse elementen uit haar persoonlijk leven. Haar werk omvat een veelvoud van vormen en betekenissen. Ze verandert en vervormt materialen en ze verwijst naar haar eigen leefwereld, soms om bepaalde kwesties en situaties te  beheersen. Lacan beschrijft de spiegelfase, namelijk het moment waarop men zichzelf voor het eerst herkent in een spiegel, als het beginpunt van de ontwikkeling van de identiteit en de ermee gepaard gaande  moeilijkheden om ze te aanvaarden. Spiegels dwingen ons om een realiteit te zien die niet altijd overeenkomt met de verwachtingen. Dagelijks geven we vorm aan onze identiteit, die we in ons opnemen, maar ook reflecteren. Bij deformatie valt deze realiteit uiteen in kleine fragmenten.
Lichamelijkheid en seksualiteit zijn belangrijke thema's zich in het werk van Maria Degrève. Ze creëert verschillende personages die zoals een masker de verschillende lagen van identiteit verborgen houden. Deze personages zien er nooit perfect uit, maar ze vertonen een speciale, kwetsbare aura. Soms heerst er een erg geladen sfeer. Rosalind Krauss bespreekt de individuele media in de kunst, het product en de status van het onderwerp. Ze onderzoekt de voorstelling, de abstractie en de gender-identiteit. Degrève speelt hiermee in haar foto's en video's door het aannemen van verschillende poses en personages.
Haar beeldtaal refereert naar de huid, zoals kleding. Het is een manier om te verhullen en onthullen en te suggereren wat de kijker niet kan zien. Ze doet dit op een speelse, ironische wijze, maar ze bewaart een zekere afstand. De toeschouwer wordt steeds misleid, elke situatie is nooit wat het lijkt. Als een bezeten verzamelaarster vergaart ze gevonden voorwerpen en restanten, die ze gebruikt voor haar installaties. Vaak zien we textiel, borduurwerk, kant, haren, pluimen, bont en noten. Met deze wereld van residu's creëert ze een nieuwe fictieve structuur, die tegelijkertijd paradijselijke visioenen, melancholie en afschuw oproepen.
Haar video's, objecten, installaties en performances vinden hun oorsprong in de formulering en herformulering van ideeën door middel van taal. Het is een continu proces van verschuiving van visuele en tekstuele ideeën van de ene context naar de andere, waarbij status en betekenis eenzelfde verandering ondergaan. Meer specifiek is ze geïnteresseerd in de etymologieën en in de speelsheid van taal. Ze refereert namelijk aan meergelaagde associaties in haar installaties, soms psychoanalytisch geïnspireerd. Hiervoor hanteert ze metaforen en zet ze een figuratieve culturele betekenis om in beelden. Biografie en kunst worden verweven, de grens tussen het afstandelijke en het intieme is moeilijk te definiëren. Ze grijpt terug naar elementen van haar kindertijd die een zekere naïviteit en puurheid met zich meebrengen. In haar performances tast ze de grenzen af van het intieme in openbare plaatsen en daagt ze zo de verbeelding van de voorbijgangers uit. De participant reageert op het verhaal met zijn eigen persoonlijke ervaring.
(Saskia Ooms 2011)

Fout ontdekt op deze pagina?
Laat het ons weten.